Paarden, van klein bosdiertje tot vervoersmiddel

De meeste mensen weten wel wat een paard is als ze deze in de wei zien staan. Van voor zijn ze lief, in het midden kun je erop zitten en van achteren zijn ze gevaarlijk, maar wat is een paard nou eigenlijk voor dier? Waar komen ze vandaan en hoe zijn ze tot het dier van tegenwoordig geworden?

Een korte geschiedenis
Duizenden jaren geleden zagen de eerste paardachtigen er heel anders uit dan tegenwoordig. We zouden ze misschien niet eens als paard herkennen. Ze waren tussen de dertig en vijftig centimeter hoog en ze hadden tenen. Ze leefden in de bossen waar ze voortdurend op zoek waren naar eten. Deze kleine paardjes werden Eohippus genoemd. Naar verloop van tijd evolueerden deze diertjes om te kunnen overleven. Om voor vijanden te kunnen wegrennen ontwikkelden ze een lichaam wat gebouwd was op snelheid. Om ander voedsel te kunnen nuttigen, paste hun gebit zich aan en de tenen maakten plaats voor hoeven. Tegen die tijd werd het paard Equus Caballus genoemd. Rond vierduizend voor Christus begon de mens het paard tot huisdier te maken.

Transport
Het paard was gebouwd op snelheid en om vele kilometers af te leggen in een dag. Voor de mens betekende dit een uitkomst, aangezien ze met een paard verder konden reizen dan te voet. Onder andere voor sommige Indianenstammen betekende dit het begin van een hele nieuwe levensstijl. Er kon jacht gemaakt worden op grotere en snellere dieren en met paarden was het mogelijk om met de gehele huisraad rond te trekken. Paarden werden een deel van het leven.

Paarden voor vermaak
Met de komst van moderne techniek was het paard niet meer van levensbelang. Paarden hoefden geen ploeg meer te trekken, paarden waren niet meer het beste vervoersmiddel en oorlogen konden gewonnen worden met betere voertuigen. Toch hadden paarden al een plekje verovert in de harten van de mensen, waardoor ze niet compleet verdwenen, maar ingezet werden voor het vermaak, zoals voor ontspanning, sport en het circus.